Nieuwsberichten
Wil je op de hoogte gehouden worden van de Zesdaagse van Rotterdam? Klik hier om je aan te melden voor de nieuwsbrief.
Nick Stöpler leerde van de 'Meesters'
'Ik heb jarenlang in mijn carrière geïnvesteerd’
Met een zege in de Zesdaagse van Brabant op zak en een fraaie derde plaats in de zwaarbezette editie van Amsterdam, kan het winterseizoen voor Nick Stöpler niet meer kapot. Toch wil de 21-jarige renner van Ubbink-Koga meer. In Ahoy wil hij aan de zijde van de Deen Rasmussen weer voor het podium gaan. “Ik rijd met de beste renner van de Zesdaagse. Dan mag je best ambities hebben.”
Hij is net terug van een trainingskamp in Zuid-Afrika met de nationale selectie. Het ging ‘redelijk goed’ met Stöpler, maar een blessure zorgde voor wat achterstand. “De eerste dagen kon ik niet voluit trainen, maar over het algemeen heb ik er een goed gevoel aan over gehouden. Ik heb vooral veel kilometers kunnen maken en dat had ik even nodig. Voorafgaand aan de Zesdaagse van Brabant was ik op stage naar Colorado geweest en toen reed ik een paar weken later ook als een speer.”
Opvolger Danny Stam
Het is snel gegaan met de geboren Woerdenaar. Vorig jaar reed hij nog redelijk anoniem mee in de buik van het baanpeloton en nu is hij een van de aankomende sterren van de piste. Kenners noemen hem de opvolger van Danny Stam, die deze week in Ahoy afscheid neemt van de wielersport. Stöpler heeft zelf vooralsnog geen boodschap aan het opgeplakte label. Hij wil vooral groeien in de door hem zo geliefde tak van sport. ”Natuurlijk is het mooi dat mensen vertrouwen in mij hebben, maar ik moet nog veel waarmaken. Baanwielrennen is echt mijn lust en mijn leven. Van kinds af aan wilde ik op de piste rijden. Dan ging ik met mijn vader naar de zesdaagse en bestudeerde ik de toprenners. Ik kon echt genieten van iemand als Bruno Risi. Hoe hij dacht, anticipeerde en de koers kon sturen. Geweldig. Daar heb ik uiteindelijk zeer veel door geleerd.”
Doelen en ambities
De passie voor de sport en de interesse in de baanvedetten zorgden ervoor dat Stöpler al op jonge leeftijd ging koersen. Als belofte maakte hij de overstap naar de baanploeg Ubbink-Koga en begon hij zijn wielercarrière steentje voor steentje op te bouwen. “Ik doe nooit iets zonder er eerst goed over nagedacht te hebben. In de wielersport denk ik dus ook in doelen en ambities. Het stond voor mij al snel vast dat ik zesdaagserenner wilde worden. Toen ben ik gaan nadenken hoe ik dat kon bereiken. Ik moet altijd doelen hebben. Of dat nu een kampioenschap of een zesdaagse is. Daarom ben ik ook niet echt geschikt voor de weg. Daar ga je echt van koers naar koers en lijken alle wedstrijden en rondjes op elkaar. Ik kan niet fietsen om het fietsen. Het moet wel ergens toe leiden.”
Veel vertrouwen
Afgelopen jaar won Stöpler zijn eerste zesdaagse. In Tilburg was hij met collega-klasbak Yoeri Havik veel te sterk voor de concurrentie. De Six van Brabant was echter een wedstrijd voor renners tot 25 jaar, wat het deelnemersveld toch een iets ander aanzien gaf. Voor Stöpler de reden om er een maand later in Amsterdam een schepje bovenop te doen. “We moesten daar echt knokken voor onze plek. Dat geeft niet, want daar groei je als team ook weer door. Ondanks een vrij matige start, werden we toch mooi derde en daar was ik super blij mee.” Voor Rotterdam legt Stöpler de lat nog hoger. Doordat zijn vaste partner Havik voor deze gelegenheid met zijn oom Danny Stam rijdt, start hij aan de zijde van Alex Rasmussen, de Deen die al wereldkampioen koppelkoers was. “Natuurlijk heb ik er veel vertrouwen in. Ik rijd met de beste renner van de zesdaagse. Dan mag je best ambitieus zijn.”
Hoge ambities
In de toekomst hoopt Stöpler de hoge ambities voor zijn fans waar te maken. Toch zal het volgens hem zelf geen gemakkelijke klus worden. “In Amsterdam werd ik ook een beetje met mijn neus op de feiten gedrukt. Iljo Keisse en Niki Terpstra, maar ook Peter Schep en Wim Stroetinga, staken zo veel boven de rest uit, dat ik me afvraag waar ik dat goed moet maken. Dan begin ik ondanks de vreugde van onze podiumplek meteen te analyseren, waar ik nog op kan en moet verbeteren. Zo zit ik nu eenmaal in elkaar. Ik heb jarenlang in mijn carrière geïnvesteerd, dus leg ik de lat nu ook weer hoger. Stapje voor stapje naar de top en dan maar kijken hoe hoog die top uiteindelijk kan worden.”












.jpg)











